1 Zachte mutatie, p > b; t > d; c > g; b > f; d > dd; g > -; m > f; ll > l; rh > r:
1a Contactmutatie:
Element volgend op bezittelijk pronomen dy, 'th (2 sg.), ei, 'i, 'w (3 sg. m.). tŷ - dy dŷjouw huis
Element volgend op telwoorden dau, dwy. gwr - dau wr twee mannen
Element volgend op rangtelwoord ail (m. en f.). gwr - yr ail wr de tweede man
Element volgend op de preposities am, ar, at, dros, drwy, dan, hyd, heb, gan, o, wrth. mynydd - ar fynydd op een berg
Predicaat volgend op dyma, dyna, dacw. gardd - dyma ardd hier is een tuin
Adverbiaal gebruikte adiectiva ingeleid door yn. caled - yn galed hard
Element volgend op sut. bwyd - sut fwyd wat voor voedsel ?
Element volgend op pa, pa fath, rhyw, unrhyw, amryw, cyfryw. peth - pa beth (wat ?), llyfr - amryw lyfrau verscheidene boeken
Element volgend op y naill, ychydig, holl, y fath, ambell, aml. gwaith - ambell waith; lle - y fath le somtijds, soms; zo'n plaats
Element volgend op rhyw. gwr - rhyw wr een of andere man
Element na neu. bachgen - merch neu fachgen een meisje of een jongen
Adjectief volgend op rhy (te), ledd, go, pur (erg), gweddol (vrij). rhwydd - rhy rwydd; da - gwedol dda te gemakkelijk; vrij goed
Verba volgend op de positieve partikels fe, mi. bydd - fe fydd hij zal zijn
Verba volgend op het negatieve partikel na. bydd - na fydd hij zal niet zijn
Verba volgend op het vraagpartikel a. gwn - a wn ? weet ik ?
Verba volgend op relatieve partikels a, na. gwr a + bydd - gwr a fydd een man die zal zijn
Verba volgend op de coniunctie pan. daeth - pan ddaeth toen hij kwam
Verba volgend op de vraagwoorden pwy, beth. digwydd - beth ddigwyddodd wat is er gebeurd?
1b Syntactische mutatie:
Adiectiva volgend op een naamwoord sing. fem. da - y ferch dda het goede meisje
Als adiectief gebruikte substantiva na een naamwoord sing. fem. cawl - llwy gawl soeplepel
Naamwoorden na een voorgeplaatst adiectief. gwr - yr hen wr de oude man
Enkelvoudige vrouwelijke naamwoorden volgend op een rangtelwoord. merch - y drydedd ferch het derde meisje
Subject of object van een verbum (ook vormen van bod), wanneer een ander element tussen beide geplaatst is. lladdodd dyn darw een stier doodde een man
Object van een verbogen werkwoord. bwled - mi rof fwled trwy dy ben ik schiet (geef) een kogel door je hoofd
Logisch object van bezitsconstructie met gan, wanneer gan voorafgaat. y mae gardd gennyf i - y mae gennyf i ardd ik heb een tuin
Adverbiale tijdsaanduidingen. pawb / pob - bob dydd iedere dag, dagelijks
2 Zachte mutatie afgezien van ll, rh:
2a Contactmutatie:
Predicaat ingeleid door yn. meddyg - yn feddyg [hij is] arts
Element volgend op telwoorden un (m. en f.). gwr - un wr; merch - un ferch één man - één meisje
Element volgend op cyn, mor in comparatieve constructies. (gwyn) gwynned - cyn wynned â zo wit als
2b Syntactische mutatie:
Vrouwelijke naamwoorden na het lidwoord. merch - y ferch het meisje
3 Nasale mutatie, p > mh; t > nh; g > ngh; b > m; d > nh; g > ng:
3a Contactmutatie:
Na het bezittelijk voornaamwoord fy. tŷ - fy nhŷ mijn huis
Na yn, wanneer het de prepositie in is. Caerdydd - yng Nghaerdydd in Cardiff
De woorden blwydd, blynedd, diwrnod wanneer ze volgen op een van de telwoorden pum, saith, wyth, naw, deg, ugain, ook wanneer deze telwoorden het laatste element van een samenstelling zijn; NB deg > deng. deugain mlynedd; deng mlwydd oed 40 jaar; 10 jaar oud
4 Geaspireerde mutatie, p > ph; t > th; c > ch:
4a Contactmutatie:
Element volgend op bezittelijk pronomen ei, 'i, 'w (3 sg. f.). car - ei char hi haar auto
Element volgend op na dan bij een comparatief adiectief. ceisio - yn llai na cheisio .. minder dan proberen te ..
Element volgend op a en. pamffledi - llyfrau a phamffledi boeken en pamfletten
Element volgend op gyda met en tua tegen. pleser - gyda phleser met plezier
Element volgend op het telwoord tri, chwech. pen - tri phen; cath - chwe chath drie hoofden, zes katten
5 Aspiratie van beginvocaal:
5a Contactmutatie:
Vocaal volgend op bezittelijk pronomen 'm (1 sg.), ei, 'i, 'w (3 sg. f.), ein, 'n (1 pl.), eu, 'u, 'w (3 pl.). iaith - ei hiaith haar taal
6 Geaspireerde mutatie, p > ph; t > th; c > ch, + zachte mutatie b > f; d > dd; g > -; m > f; ll > l; rh > r:
6a Contactmutatie:
Element volgend op de negatieve preverbale partikels na, ni. tâl - ni thâl iddo het loonde niet voor hem